Hoe het begon…

De geschiedenis van de brouwerij gaat terug tot 1784. De vele honderden huisbrouwerijen die Vlaanderen telde, brouwden bier voor eigen gebruik. Vaak als nevenactiviteit van landbouwbedrijvigheid, omdat het in die tijd veiliger was om bier te drinken dan water! . In Ertvelde werd toen brouwerij “De Peer” gesticht door ene Jean Baptiste De Bruin. Hij maakt het brouwen van bier tot een hoofdactiviteit maakte en het bier commercialiseerde het.

De Bruin huwde Angelina Petronella Schelfaut die het bierbrouwen na De Bruin’s dood verderzette. Toen zij stierf, liet ze de brouwerij na aan haar neef, Jozef Schelfaut. Hij had haar vele jaren bijgestaan en beheerste perfect de regels van de brouwkunst. Zijn dochter Margriet huwde Paul Van Steenberge, professor in de microbiologie aan de Gentse brouwerijschool. Na de Eerste Wereldoorlog kwam de brouwerij onder zijn leiding.

In 1919 wijzigde hij de naam van de brouwerij in “Brouwerij Bios”, naar het gelijknamige bier dat toen in productie kwam. Paul Van Steenberge was burgemeester van Ertvelde en zetelde in de senaat. Helaas lag ook zijn hart in de politiek en niet in de brouwerij. Hoewel hij niet veel aanwezig was in de brouwerij, was hij een echt zakenman. Dankzij zijn achtergrond als professor microbiologie aan de technische hogeschool van Delft, waar hij samenwerkte met een leerling van Louis Pasteur, handelde hij met kennis van zaken. Zo lanceerde hij met succes diverse bieren zoals Bios Vlaamse Bourgogne (oud bruin) en Leutebock (pils). Hij investeerde in een nieuwe brouwzaal, nieuwe tanks en schakelde van houten vaten over op glazen flessen. Hij combineerde zakeninstinct aan brouwerspassie. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Brouwerij Bios, net als vele andere brouwerijen die ten tijde van oorlog in de moeilijkheden kwamen, verzocht om toe te treden tot een coöperatie. Zo kon je als brouwer kosten besparen en kennis onder elkaar delen.

Maar dat kon zijn echtgenote Margriet, die toen voornamelijk bezig was met de opvoeding van haar in 1914 geboren zoon Jozef Van Steenberge, niet aanvaarden. Zij had de brouwerij geërfd van haar vader en lid worden van een coöperatie stond voor haar gelijk aan een verkoop. ‘Ik ben geboren als brouwer, en ik zal sterven als brouwer’ maakte zij iedereen duidelijk. Gelukkig hield ze voet bij stuk en had ook haar zoon de passie voor het brouwen.

Na het overlijden van zijn vader in 1962, nam Jozef Van Steenberge de leiding van de brouwerij over. Hij oriënteerde de brouwerij opnieuw op de productie van kwaliteitsbieren van hoge gisting. De eigen mouterij en hopwinning, door Jozef Schelfaut aangeplant, verdwenen. Ze werden vervangen door een aankoopbeleid van grondstoffen, gevoerd op basis van lastenboeken met de hoogste kwaliteitseisen. Toch duurde het tot zijn 64e vooraleer Jozef Van Steenberge zich ten volle met de brouwerij bezighield. Net zoals zijn vader bouwde Jozef Van Steenberge een carrière uit in de politiek: als burgemeester en senator.

Vanaf dan startte de brouwerij met het brouwen van speciaalbier van hoge gisting met nagisting. Het was in dezelfde periode, namelijk in 1978, dat de brouwerij het recept verwerft van het bier dat de Paters Augustijnen in hun klooster te Gent brouwden. Het wordt verder op punt gesteld in de brouwerij te Ertvelde en in 1982 komt de “Augustijn” op de markt. Het bier werd meteen een weergaloos succes en is nog steeds het paradepaard van de brouwerij.

Met de andere hoge gistingsbieren Piraat en Gulden Draak wordt het rijke gamma vervolledigd. Een schot in de roos, zo blijkt jaren later: in het begin van de jaren tachtig was de afzetmarkt voor de speciaalbieren met een hoog alcoholgehalte vrij beperkt. Sinds 2000 echter ontstaat een duidelijke trend in de biermarkt wereldwijd: de vraag naar pilsbieren kent jaar na jaar een sterke daling ten voordele van de degustatiebieren met hun volle en complexe smaak. Jozef Van Steenberge had dit op één of andere wijze voorzien. Dankzij de focus op degustatiebieren, kon de brouwerij overleven en groeien, klaar voor de volgende generaties …

In 1990 ging de leiding van het bedrijf over naar Paul Van Steenberge, zoon van Jozef. Er kwam een nieuwe, volledig computergestuurde brouwzaal en vatenvullerij, een eigen waterzuiveringsinstallatie, een nieuwe bottelarij en stoomvoorziening op aardgas. De verwachte verzadiging van de binnenlandse markt was een belangrijke stimulans om afzetmogelijkheden in het buitenland te prospecteren.

In 1998 kwam Jef Versele, neef van Paul Van Steenberge en inmiddels 6e generatie van de brouwersfamilie het team versterken. Onder zijn impuls steeg de export van het aantrekkelijke aanbod van hoge gistingsbieren tot 60%, waarbij de voornaamste exportlanden de Verenigde Staten, Nederland en Italië zijn.

Om de ambitieuze plannen voor de toekomst te realiseren, werd in 2009 het Augustijn gamma op punt gezet en aangevuld met Augustijn Donker. Ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van Gulden Draak, werd Gulden Draak 9000 Quadruple gelanceerd. Brouwerij Van Steenberge werkt continu aan nieuwe bieren, nieuwe presentaties en een voortdurende optimalisering van de bedrijfsprocessen met behoud borging van de constante kwaliteit.